contact zoeken wedstrijden

Keats!(er) op freed: Tjisse Steenstra

Tekst: Rynk Bosma
Foto's: Elisabeth Dijkstra, Henk Bootsma en Anne Waterlander

Dadendrang Tjisse Steenstra zonder druk

Ook in het kaatsjaar 2018 zal het partuur Gert-Anne van der Bos, Taeke Triemstra en Tjisse Steenstra alle ogen op zich gericht weten. Voor de achterinse echter geen probleem want de kaatser beschikt over de benijdenswaardige eigenschap zonder druk te kaatsen, zo was vorig jaar in het Friesch Dagblad te lezen. Op onze site nu ook dit artikel over Tjisse.
Opmerking vooraf: Het betreft een relatief tijdloos artikel, wees u er wel van bewust dat referenties in het artikel naar 'vorig jaar' betrekking hebben op het seizoen 2016.
 
Bitgummole Die dadendrang zonder druk heeft een lange en moeizame wordingsgeschiedenis in een leven met de nodige hindernissen. De op 23 juli 1993 geboren Steenstra is de zoon van Hinke Kuik en Sipke Steenstra. Heit Sipke komt oorspronkelijk uit Marsum en dat het opslagtalent van Tjisse erfelijk gezien niet geheel uit de lucht komt vallen, wordt bevestigd door vijfvoudig PC-winnaar en Marsumer Wiep van Wieren: ,,Sipke hie der wol gong yn mei syn opslach.’’
 
Ook van moederskant is er echter een stevige erfelijke bijdrage. Mem Hinke Kuik werd vernoemd naar beppe Hinke en dat was weer een dochter van de fameuze Minze de Vries uit Beetgum die in 1896 en 1897 koning van de PC werd en daarnaast ook nog in 1900 en 1903 deze zo belangrijke jaarlijkse kaatspartij wist te winnen. Het verhaal wil zelfs dat De Vries ook in 1903 koning had moeten worden maar dit misliep omdat Jan Reitsma sr. uit Pingjum in dat jaar afscheid nam en het koningschap werd toen als een passend cadeau beschouwd. 
 
Al die erfelijke kaatszegeningen konden echter niet verhinderen dat Steenstra als kind niet bepaald een zorgeloze en onbekommerde jeugd had. ,,Tjisse waard as bern op skoalle pesten omdat hy wat oars as oars wie. It wie in bang jonkje, hy wie net dryst lykas oare bern’’, zo herinnert mem Steenstra zich. Een zachtmoedig kind ook dat overal het gevaar op de loer zag liggen. Bovendien zo rond zijn tiende jaar bang om alleen te zijn. Het was een vorm van verlatingsangst die stapje voor stapje werd overwonnen.
 
Op het kaatsveld was Hinke Steenstra vaak mee, ,,Ik koe by wize fan sprekken net iens efkes nei it toilet want dan wie ik út it sicht.’’ Het is nu moeilijk voor te stellen, maar de zo beweeglijke kaatser van nu hanteerde buiten de partijen om het motto ‘sitten bliuwe en net bewege’ met, bij afwezigheid van Hinke Steenstra, als richtpunten een Haije Westra, Wop de Groot of pake Jan Kuik. Steenstra: ,,It is sa’n nuver gefoel, hiel soms ha’k it noch wol mei fan dat driigjende waar mei donkere loften.’’ ‘Net maklik’ zo omschrijft Steenstra zijn levensperiode tot zijn vijftiende jaar.

TjisseenHinkeBitgum17

Het kaatsen ging inmiddels wel langs de gebruikelijke en klassieke mijlpalen van Jongensbond en Freule. Als je het nog jonge leven van Steenstra wilt indelen in verschillende levensfases dan kan er bij jaargang vijftien een stevige grenspaal in de grond. Dat zelfde geldt in zijn kaatsleven voor editie zeventien. Bij grenspaal vijftien was het ‘leed’ grotendeels beheersbaar en geleden, de tijd om echt te genieten van zijn favoriete sport die twee jaar later een beslissende duw in de rug kreeg toen trainer Gerrit Okkinga bij grenspaal zeventien in beeld kwam. De PC-koning van 1963 en winnaar in 1970  traceerde het schoonheidsfoutje in de opslag van Steenstra. ,,Ik hie de loop wol mar gjin stjoer, it gong alle kanten op dus sloech ik út ‘e frije hân op. Okkinga sei doe ‘Do moast rjocht rinne yn ‘e rails en dyn opgoai is te heech, dy moatst mear sakje litte’. Dêrnei gong it mâl oan de opslach’’, zo lacht Steenstra.
 
Hoewel Steenstra vier maal aan de Freule meedeed, kwam alleen in het laatste jaar de contouren van de Villa van de Freule in beeld. Alleen de gevel zo zou je kunnen zeggen want in die halve finale op 11 augustus 2010 tegen Sint Annaparochie viel het doek. Remco van der Vlugt en Simon Hoogland waren de beide maten, maar Steenstra trok de jeugdige kar met een plek in het achterperk en de eerste opslag.
 
Dat het daarna in die zo kwetsbare periode tussen zeventien lentes en ‘it grut spul’ af en toe ‘mâl’ ging met Steenstra aan de opslag bleef bepaald niet onopgemerkt. Eerste voorzichtige stappen met Bauke Triemstra en Hillebrand Visser. Maar vooral wordt het belletje van Chris Wassenaar herinnerd. ,,Chris hie my sjoen yn Stiens en woe yn eigen doarp mei my keatse, Tjitte Bonnema wie de tredde maat. Dat gie op it lêste momint net troch want Chris wie frege foar Dronryp en Tjitte hie lêst fan de rêch.’’
 
Toch wilde Steenstra in dat weekeinde wel kaatsen op de eerste klas in Minnertsga, dus hij belde dorpsgenoot Jorren Westra. ,,Ik sloech doe fliegend op mar wy gongen der op 5-5 en 6-6 ôf. Dat wie de kear dat Cornelis Terpstra my seach.’’ Een knieblessure hield Steenstra van het debuut op de PC af, ,,Ik moast doe noch achttjin wurde.’’
 
Uitstel van optreden want het debuut op de PC volgde een jaar later, 2011, met Haije Jan Nicolay en Hendrik Jan van der Velde. Geen zonnig eerste lot tegen Gert-Anne van der Bos, Taeke Triemstra en Daniël Iseger. ,,Wy ha ek noch mei 3-1 foarstien’’, zo herinnert Steenstra zich nog. Een eerste ‘lytse preemje’ op de hoofdklasse partij in Damwâld wees in 2012 de weg omhoog want in 2013 belde Cornelis Terpstra.
 
,,Dat hat myn learmaster west, dêr ha ik it keatsen fan leard.’’ Op belangrijke standen er staan, is wel heel summier de kern van het evangelie dat kaatsen heet. Steenstra heeft het al eerder gezegd, hij kent nooit druk op de zes en zenuwachtig komt in het geheel niet in zijn woordenboek voor. ,,As ik nei myn freondin yn de earste klas sjoch dan bin ik wol hiel senuweftich. Sels ha’k nergens lêst fan.’’
 
Een mooie en onbetaalbare eigenschap voor de man die dit jaar in de schijnwerpers staat als opvolger van Daniël Iseger. Inmiddels heeft Steenstra al veel krachttraining achter de rug. Hoewel Steenstra in het achterperk staat, weet hij dat hij werd gekozen vanwege zijn opslag. ,,De moarns nei de PC ha se my belle, it wie ja of nee. Oars hienen se Hans Wassenaar frege tink ik.’’

_AWA3255

Natuurlijk moet het wennen in het achterperk, maar bij zijn entree in de hoofdklas moest wel meer wennen. Opmerkingen bedoeld om hem uit zijn spel te krijgen met hatelijke opmerkingen. Steenstra lacht er om, ,,Dat ha’k fan froeger leard, lit se mar prate want ik gniis derom.’’ Keihard en meedogenloos aan de stuit, zachtmoedig buiten de lijnen, zo zou je kunnen zeggen. Hinke Steenstra: ,,It leafst hie Tjisse op in sikenauto sitten, oare minsken helpe.’’
 
Maatschappelijk volgde hij aanvankelijk een opleiding auto-verkoper aan het Friesland College in Heerenveen. ,,Hy wit alles fan auto’s’’, maar ontbeerde de nodige hardheid van een auto-verkoper. ,,Hy hat it wol ôfmakke yn Hearrenfean, mar hy is gjin learder. Ik tink dat hy mear leart fan it ‘leven’ as op skoalle.’’ Dat nu is tijdelijk werken onder ‘vreemde ogen’ bij een baas in Leeuwarden. Op termijn zal hij werken in de onderneming De Broadtsje Bakker in Leeuwarden van Hinke en Sipke Steenstra.
 
Ook in de kaatssport heeft hij zijn leermomenten gehad maar bovenal de mooie herinneringen. Bijvoorbeeld die fantastische finale vorig jaar in Stiens, Steenstra voorbest op en in het achterperk. Terpstra voorin en een noodgedwongen balkeerder Herman Sprik. Met alle hout aan de telegraaf winnen tegen de favoriete oranjebrigade, ,,Myn moaiste finale oait.’’
 
Maar hij is ook de kaatser die het af en toe een ander gunt, zoals in die door Steenstra heldhaftig gekaatste, maar wel verloren PC-finale van 2016. ,,As je dan dochs ferlieze, lit it dan mar fan Dirk Jan de Groot wêze.’’ De echte sportman die een ander ook iets gunt, het is Steenstra ten voeten uit.

Hoofdsponsor

Businesspartners

Suppliers