Vernieuwing die je op het veld merkt
Wie alleen naar de jaarrekening kijkt, mist ondertussen wat er in de sport verandert. De nieuwe website met live uitslagen is het zichtbaarste voorbeeld. Dat vernieuwen gebeurt naast het gewone werk, waaronder de organisatie van de Dutch Open, de Keatswike en Slotpartij. Daarachter zit een breder innovatietraject rond wedstrijden, competitie, media, materiaal, organisatie en opleiding. Veltman spreekt over zes knoppen waaraan tegelijk wordt gedraaid. Niet ieder idee slaagt meteen en niet iedere verandering kan snel worden ingevoerd, maar de richting is duidelijk: de kaatssport moet toegankelijker, meer van deze tijd worden voor spelers, verenigingen, federaties, vrijwilligers en publiek.
De Kaatsacademie speelt daarin een centrale rol. Via de samenwerking met Sport Friesland komt kennis binnen die de bond niet volledig zelf in huis heeft. Regiocoaches helpen kleinere verenigingen met trainingen, jeugdbeleid en de verbinding met clubs in de omgeving. Juist voor dorpen waar wel een kaatsveld ligt en wedstrijden worden gehouden, maar waar te weinig trainers of bestuurlijke slagkracht zijn, kan die ondersteuning het verschil maken.
Ook de manier van opleiden verandert. Een nieuwe generatie wil niet per se meerdere avonden in een leslokaal zitten. Online modules, leren in eigen tijd en begeleiding in de praktijk passen beter bij het leven van jonge trainers en scheidsrechters. Dat klinkt misschien als een detail, maar het raakt de kern: wie vrijwilligers wil vinden en behouden, moet aansluiten bij de tijd die zij hebben en de manier waarop zij willen leren.
Een tastbaar voorbeeld van die vernieuwing is de innovatiegroep Materiaal. Samen met Cornelis Terpstra en sinds kort ook met NHL Stenden werkt de groep aan de ontwikkeling van een nieuwe kaatshandschoen voor zowel de breedtesport als wedstrijdkaatsers op prestatieniveau. De invoering gebeurt bewust stap voor stap. De ambitie is om eind 2026 voor enkele categorieën groen licht te geven. Op basis van de ervaringen wordt vervolgens beoordeeld of een bredere invoering verantwoord is. Innovatie moet zich uiteindelijk op het veld bewijzen.
Een mooi voorbeeld hiervan kwam niet van de kaatsbond zelf maar van Simon Minnesma en Jan Willem van Beem. Ze legden een plan voor om nieuwe scheidsrechters te werven. “Simon Minnesma en Jan Willem van Beem komme nei ús ta mei ideeën om mear skiedsrjochters te krijen. Wy pakke it op tegearre mei dy mannen’’, zegt Veltman.
De KNKB schoof het plan niet in een bureaula, maar werkte het samen met de initiatiefnemers en de werkgroep scheidsrechters uit. Inmiddels lopen nieuwe kandidaten mee en doen zij ervaring op. Voor Veltman is juist dat de gewenste beweging: niet alles hoeft door de bond te worden bedacht. Als mensen met een goed idee komen, moet de KNKB het gesprek aangaan en helpen het mogelijk te maken.