MANNENHARTEN MET LOL
Tekst: Hein Jaap Hilarides | Foto's: Lieuwe Bosch
Wanneer ik wegrijd, wordt net het liedje 35+ van Gurbe Douwstra op Omrop Fryslân gedraaid. De zanger bezingt de kwalen en de lol van mannen boven de vijfendertig jaar. ‘35+, O, wat in lol’, gaat het refrein. Hoe zou het in Easterlittens zijn? Zouden de mannen die het NK 35+ kaatsen veel lol hebben? Of zou het afzien zijn? Vroeger was 35+ oud, nu is het nog tamelijk jong. Dus het zal wel meevallen met het afzien.
Er staan 11 parturen op de lijst. De partijen verlopen snel. Alleen de wedstrijd tussen Leeuwarden en Franeker 2 is vijf eersten gelijk. De ‘veteranen’ Karel Nijman en Pieter van Tuinen trekken net aan het langste eind. Maar in de tweede omloop gaan ze er kansloos af tegen het jongere Easterein.
De tweede omloop is ook vlug afgelopen. En dan volgt de halve finale tussen Deinum, met Renze Pieter Hiemstra in de gelederen, en Dokkum. Het is een spannende partij en het wordt vijf eersten gelijk. De beslissing valt op 4-6 en Dokkum wint. Zij nemen het in de finale op tegen Easterein, met een andere oud-hoofdklasser, Bauke Dijkstra en Dirk-Yde Sjaarda en Sjoerd Kooistra.
Het is opnieuw een nek aan nek race, waarin goed en attractief wordt gekaatst. Beide parturen maken weinig fouten. Het drietal van Easterein is een sluitend partuur. Maar de mannen van Dokkum, de broers Sip Jaap en Wiebe Wessel Bos en Keimpe Meijer, zijn in vorm. Ze staan de hele dag al goed te slaan. Het lijkt er in het begin even op dat ze gaan verliezen, maar ze trekken de partij naar zich toe met onder andere een paar flitsende bovenslagen van voorinse Wiebe Wessel Bos.
De grote man bij de Dokkumers is echter onbetwist Sip Jaap Bos. Hij is degelijk, rustig, kaatst ‘met de kop’ en houdt de spirit in het partuur. En op de beslissende standen weet hij telkens het hoofd koel te houden. Zijn inzet en atletisch vermogen dwingt ook bij de tegenstanders respect af. Sip Jaap loopt op de boven op een bal die niet meer te halen lijkt. Maar hij haalt de bal en weet de kaats zelfs nog in te korten. Het is nog in het begin van de partij en de mannen van Easterein lachen. Een van hen zegt: ‘It is krekt in jonge hûn, hi, sa fljocht er achter de bal oan.’
De mannen van Dokkum grijnzen wat. Het gaat hen niet alleen maar om de lol. Zij hebben wat te winnen, namelijk op een sportieve manier een aantal cracks verslaan. Althans, zo verklaren ze hun overwinning na afloop. Ze hadden nooit verwacht dat ze deze partij zouden kunnen winnen. Maar nu het is gebeurd, voelt het goed.
Met name Sip Jaap loopt al een half leven lang op de velden rond. Hij kent de andere 35+ kaatsers goed. Tegen een aantal van hen won hij niet vaak. Vandaag valt het geluk zijn kant op. Sip Jaap en ook zijn jongere broer Wiebe Wessel en derde maat Keimpe Meijer kunnen het nauwelijks geloven. Toch is het echt zo, zij gaan met de krans naar huis.
Op de terugweg draai ik de Tour de France op de radio. Thymen Arendsman is alleen vooruit in een bergetappe. De wielrenner is bezig met een heroïsch gevecht met de berg die hij beklimt, en met zichzelf. Het laatste liedje dat ik hoor, voordat ik de auto uitstap, is Mannenharten van Nielson en Bløf. De titel is van toepassing op Thymen Arendsman, maar minstens zoveel op de mannen van KV Oostergo uit Dokkum: Keimpe Meijer, Wiebe Wessel Bos en Sip Jaap Bos.